|
Lezen: 1Samuel 19
Het leven met de HEER verloopt niet altijd gladjes. Ook David
ondervindt heel wat moeilijkheden. Op de weg die David moet gaan
om bij het door God voor hem gewilde koningschap te komen,
ondervindt hij heel wat hindernissen en gevaren.
Het is voor hem een bewogen tijd, waarin allerlei schokkende
dingen gebeuren, en hij regelmatig moet vluchten, omdat hij niet
de hand wil slaan aan 'Gods gezalfde'.
Het is voor David ook
een oefentijd. Een tijd om te leren niet op zijn eigen kunnen te
vertrouwen, maar zijn vertrouwen volledig op God te stellen en te
ervaren dat alleen van Hem uitkomst en heil te verwachten is (Vgl.
Ps.91).
Op de achtergrond is steeds de donkere schaduw van Sauls haat
aanwezig. Saul komt er
uiteindelijk openlijk vooruit dat hij David
wil doden (1Sam.19:1). Maar twee van zijn kinderen komen in actie
om David tegen hun
vader te beschermen.
Jonathan waarschuwt
David tijdig als zijn
leven in gevaar komt (1Sam.19:1,2). Hij pleit bij zijn vader voor
hem en zorgt ervoor dat David
zijn dienstbetrekking aan het koninklijke hof weer vervullen kan
(1Sam.19:4-7).
Ondanks het succes van de oorlog dat David
hem bezorgt, blijft Saul
bij zijn voornemen om David
uit de weg te ruimen. Opnieuw doet hij tevergeefs een poging hem
door een speerworp dodelijk te treffen. (1Sam.19:8-10).
Ook thuis is David
niet veilig. Maar zijn vrouw,
Sauls tweede dochter, helpt hem te ontkomen door haar vader te
misleiden. Door een noodleugen probeert ze zich tegenover haar
vader te rechtvaardigen (1Sam.19:17). David
zoekt zijn toevlucht bij de
profeet Samuël, en daarmee dus in Gods nabijheid.
Nu gaat de HERE de macht van zijn Geest ter beschikking stellen om
David
te beschermen. Tot driemaal
toe raken de boden die Saul gezonden heeft om David
gevangen te nemen, in
geestvervoering. Ook Saul
zelf wordt door de Geest
overmeesterd en ligt zonder opperkleed een etmaal op de grond
(1Sam.19:23,24).
Hier zien we dat de strijd tegen Gods knechten ten diepste een
geestelijke strijd is, waarvoor zelfs de machtige koning Saul moet
bukken (Vgl. Ps.139:7). Alle verzet tegen God is als het eropaan
komt, machteloos en nutteloos. Zijn plannen falen niet (Vgl.
Spr.19:21; Ps.33:10,11). Saul zal omdat hij zich niet bekeerd
uiteindelijk aan het kortste eind trekken.
Wie God verlaat, heeft smart op smart te vrezen.
| Kern: |
Als
het moet, redt de HERE zijn gunstgenoten uit doodsgevaar. |
| Vraag: |
Als
u ooit uit doodsgevaar gered bent of wordt, wat mag dan uw
reactie zijn? (Vgl. Ps. 68:4,5.) |
| Gebed: |
God,
dank dat ik U mag kennen als mijn heil .... |
|