Klik hier om onze site "Het Woord" te openen indien u alleen deze pagina ziet1 Korintiërs 3:9

 

1 Korintiërs 3:9

Want Gods medearbeiders zijn wij; Gods akker, Gods bouwwerk zijt gij.

 
Gods akker zijt gij
Lezen 1 Korintiers 3:1-10 en 1 Samuel 9

1 En ik, broeders, kon niet tot u spreken als tot geestelijke mensen, maar slechts als tot vleselijke, nog onmondigen in Christus.  2 Melk heb ik u gegeven, geen vast voedsel, want dat kondt gij nog niet verdragen. Ja, dat kunt gij ook nu nog niet,  3 want gij zijt nog vleselijk. Want als er onder u nijd en twist is, zijt gij dan niet vleselijk, en leeft gij niet als onveranderde mensen?  4 Want wanneer de een zegt: Ik ben van Paulus; en de ander: Ik van Apollos; zijt gij dan niet onveranderde mensen?  5 Wat is dan Apollos? Of wat is Paulus? Dienaren, door wie gij tot geloof gekomen zijt, en wel zoals de Here dit aan een ieder geschonken heeft.  6 Ik heb geplant, Apollos heeft begoten, maar God gaf de wasdom.  7 Daarom, noch wie plant, noch wie begiet, betekent iets, maar God, die de wasdom geeft.  8 Wie plant en wie begiet, staan gelijk; alleen zal elk zijn eigen loon krijgen naar zijn eigen werk.  9 Want Gods medearbeiders zijn wij; Gods akker, Gods bouwwerk zijt gij.  10 Naar de genade Gods, die mij gegeven is, heb ik als een kundig bouwmeester het fundament gelegd, waarop een ander voortbouwt. Maar ieder zie wel toe, hoe hij daarop bouwt.

Sprak Paulus in het voorgaande over het wonder van de Geest Gods, die mensen leert meedenken met het denken van God, hier spreekt hij rondweg uit, dat de Korintiërs zover nog niet zijn.
Hij gebruikt als tegenstelling van "geestelijk" het woord "vleselijk". Dat heeft niet direct met seksualiteit te maken: het betekent veeleer: natuurlijk, gewoon menselijk, zoals iedereen, ook: niet-juist.

"Nijd, twist en tweedracht", heersen in Korinte. En dat niet voor een korte tijd, maar almaar door. Het is hun "wandel". Het is vooral de richtingen strijd die Paulus daarbij op het oog heeft: "Ik ben van Paulus", en een ander: "Ik ben van Apollos".
Paulus, met alle gezag waarmee hij schreef, protesteert. Maar niet met slechts een afstraffing. Veel mooier: met een plaatjesles. Hij zegt: "Luister kinderen, jullie maken een fout. Nou ja, jullie zijn ook nog maar kinderen, je moet nog groeien! Kijk! Een mooie turn: Korinte. Daar komt een man en plant plantjes. Die man was ik, de plantjes waren jullie. Daar komt nog zo'n boer: Kijk hem sproeien met water! De plantjes groeien. Wie laat ze groeien? God! Kijk uit! Gods dure, door Zijn liefde in leven gehouden akkerwerk zijn jullie." 't Gaat niet om de boeren, maar om de oogst.
 

.
 

 

.

 

 

Inhoud:

Go

---

Gods akker zijt gij

 

Referenties:

o

 

.

 

 


Het Woord Index Bijbel 1Kor 1Kor 3:9 Totaal
Voordat we bovenstaande teller in werking stelden werden we reeds 180977 bezocht
Helaas stopte die teller met zijn service.