|
1
Korintiërs 1:10 |
|
Doch ik vermaan
u, broeders, bij de naam van onze Here Jezus Christus: weest
allen eenstemmig en laten er geen scheuringen onder u zijn;
weest vast aaneengesloten, een van zin en een van gevoelen. |
|
Verdeeldheid
(1) |
|
Lezen: 1
Korintiers 1:10-17
10 Doch
ik vermaan u, broeders, bij de naam van onze Here Je- zus
Christus: weest allen eenstemmig en laten er geen scheu- ringen
onder u zijn; weest vast aaneengesloten, een van zin en een van
gevoelen. 11 Mij is namelijk omtrent u, mijn
broeders, medegedeeld door de huisgenoten van Chloe, dat er
twisten on- der u zijn. 12 Ik bedoel dit, dat ieder
uwer zijn leus heeft: Ik ben van Paulus! En ik van Apollos! En
ik van Kefas! En ik van Christus! 13 Is Christus
gedeeld? Is Paulus dan voor u gekrui- sigd, of zijt gij in de
naam van Paulus gedoopt? 14 Ik ben dankbaar, dat ik
niemand uwer gedoopt heb dan Crispus en Ga- jus; 15 zodat
niemand kan zeggen, dat gij in mijn naam ge- doopt zijt. 16
Ook heb ik nog het gezin van Stefanas gedoopt; verder weet
ik niet, dat ik nog iemand gedoopt heb. 17 Want Christus
heeft mij niet gezonden om te dopen, maar om het evangelie te
verkondigen, en dat niet met wijsheid van woor- den, om niet het
kruis van Christus tot een holle klank te ma- ken.
Hoewel er, zoals
we reeds zagen, veel goede en positieve dingen in de ge- meente
van Korinte aanwezig zijn, moet er toch ook nog heel wat rechtge-
zet en veranderd worden.
Allerlei invloeden van buitenaf drongen door in de gemeente. De
havenstad was in 146 v. Chr. verwoest en later herbouwd. Hier
dreven mensen uit tal van landen handel met elkaar. Het bruisende
leven was enerzijds zeer religi- eus, en anderzijds zeer
verdorven. Er bestond in het toenmalige Grieks een werkwoord 'korintiseren',
dat losbandig leven' betekende.
Wat in de gemeente opviel, was de verdeeldheid. Er waren meerdere
groe- pen ontstaan. Er waren volgelingen van Paulus, van Apollos (Hand.
18: 24-28), van Kefas (= Petrus) en van Christus (1Kor.1:11,12).
Nu zou je denken dat de laatste groep toch wel een goede groep is:
eigendom van Christus zijn, daar gaat het toch om? Zeker, maar het
is verkeerd je met dit etiket te tooien om je daarmee tegen
anderen af te zetten. En dat gebeur- de hier.
Verdeeldheid is dus helaas al een heel oude kwaal in gemeenten van
de He- re Jezus. De oorzaak ervan ligt in onze eigen zonden en
zwakheden. We verwachten het toch nog van onszelf, van ons eigen
inzicht, onze overtui- ging, ons denken, of van mensen. Terwijl we
zo beperkt zijn. Een wijs woord van Paulus in dit verband is:
'Daarom, aanvaardt elkander, zoals ook Chris- tus ons aanvaard
heeft tot heerlijkheid Gods' (Rom.15:7).
Als Paulus zegt dat hij destijds slechts enkelen heeft gedoopt die
tot geloof waren gekomen (1Kor.1:14-18), bedoelt hij daarmee te
zeggen dat hij in elk geval geen eigen volgelingen probeerde te
maken. Hij had geen ander doel voor ogen dan alleen het Evangelie
van Jezus te verkondigen (1Kor.1:17): wat Hij voor de zondige en
beperkte mens aan Het kruis heeft gedaan. De verzoening is juist
de enige weg tot een nieuwe gemeenschap met God. Zo bevrijdt God
ons van elke gerichtheid op onszelf (Vgl. Luk.9:23-25) en van het
vereren van mensen. Het geheim van die wijsheid van de HERE ligt
in Het kruis van Jezus. Die wijsheid wil Paulus niet tenietdoen
door mensen aan zichzelf te binden. Nee, bind nooit mensen aan
uzelf of aan een ander. Al- leen het geloof in Jezus bevrijdt en
reinigt hen, tot eer van God (Joh.8:36).
| Kern: |
Stel
niet mensen met hun kwaliteiten centraal, maar Christus. |
| Vraag: |
Hoe
komt u daartoe? (Vgl. Gal.2:20.) |
| Gebed: |
God,
vernieuwt U me helemaal... |
|
|
Verdeeldheid
(2) |
|
Vindt u het gek dat veel mensen niets meer met de kerk te maken
willen hebben? Ze zeggen: "Vertel me eerst maar eens
naar welke kerk ik dan zou moeten gaan. Die op de hoek, die
daar verderop of die bij het winkel cen- trum?"
Paulus heeft destijds al gewaarschuwd tegen de kerkelijke
verdeeldheid: "Is Christus gedeeld?" We
moesten ons schamen. Dit is een grote schuld die wij dragen
tegenover de Heer. En een goed excuus hebben we niet. We
hebben onze kinderen opgescheept met deze situatie.
-
Laten we ze
nu ook tonen dat er een andere weg is:
-
Laten we ons
hierover verootmoedigen voor de Here en al onze kerke- lijke
troeven en kerkpolitiek uit handen geven in Zijn hand.
-
Laten we
smeken of de Here Zijn kerk wil helen, zodat:
-
we
samengevoegd worden in een zelfde zin en in een zelfde
gevoelen (vgl. 1Kor.1:10).
-
de Here
weer een krachtig getuigenis van de kerk doet uitgaan naar
de wereld.
-
er weer
werfkracht is door de Heilige Geest.
-
de Heere
in Nederland weer gediend zal worden.
|
|
Verdeeldheid
(3) |
|
Paulus roept zijn broeders in Korinte terug, of liever: roept hen
er weer bij. Hij vermaant ze op gezag, door de kracht, met
de majesteit van "onze" Heer Jezus Christus. Ze
moeten weer "eenstemmig" worden.
"Scheuringen" zijn verkeerd. Als er verscheidenheid van
inzicht en begrip ontstaat, groeit er ook onderscheid en verschil
van gevoelens. En de men- sen groeien uit elkaar.
Dat dit in Korinte gaande is weet Paulus, naar hij vermeldt, door
"de mensen van Chloë", waarschijnlijk slaven van een
ons onbekende, maar de Korintiërs zeer bekende vrouw. Het
blijkt dat er in Korinte vier kringen zijn ontstaan.
Apollos heeft vrienden, die hem zeer waarderen, Paulus natuurlijk
ook. En dan zijn er anderen, die teruggrijpen op de grote,
eerste apostel Petrus. En wie dan nog hoger wil, beroept
zich op Christus zelf.
Wie heeft er gelijk? Misschien wel alle vier! Maar
Paulus vermaant tot een- heid op gezag van Christus Zelf.
|
|
Eén
in de Heer |
|
Het wezen van de gemeente is het leven in de gemeenschap met
Christus. Dat is ook het doel van haar bestaan dat zij heeft na te
streven: we wor- den voortdurend door Hem getrokken, geroepen!
Maar nu de praktijk. Helaas leven wij niet altijd op dat
hoge niveau, we le- ven vaak beneden peil. We streven niet
dezelfde, maar verschillende doe- len na. En dat gaat dan
ten koste van de eenheid. Er komt verdeeldheid. Er
ontstaan partijen, die ieder voor zich een andere leider
kiezen. Leiders die vereerd worden, naar wie men zich noemt
(1Kor.1:11,12). Dat is natuur- lijk helemaal verkeerd.
Paulus weet zich een met de gelovigen in Korinte, maar om hun
onenigheid moet hij hen als apostel vermanen. Hij staat zelf
boven deze partijschap- pen. Niet boven hen, alsof hij zich boven
hen verheven zou voelen en zich- zelf beter zou achten. Nee, hij
gaat naast hen staan als broeder. En geeft hun zo meteen het
voorbeeld: hoe wij in de gemeente met elkaar om moe- ten gaan.
Uitgangspunt voor hem was Jezus' regel: 'Een is uw Meester en u
bent allemaal broeders' (Matt.23:8).
Zo simpel is dat. Als het goed tot ons doordringt dat Jezus
inderdaad de ene Heer is, aan Wie wij alles te danken hebben, die
alles voor ons is en wil zijn, die voor, in en boven ons leeft,
dan voelen wij ons rijk en hecht aan een verbonden (1Kor.1:10).
Samen in de naam van Jezus! Geen eigen voorkeur dus!
Centraal mag en moet in de gemeente Jezus Christus staan en de
twee za- ken waar het bij Hem om draait;
-
namelijk zijn
kruis (1Kor.2:2), dat ons met de HERE en met elkaar verzoent
(Efe.2:16).
-
En het tweede
is de doop in zijn naam. Die doop is het kenmerk van het in de
gemeente opgenomen zijn. Het uiterlijke teken van de
wezenlijke zaak: het met Christus bekleed (Gal.3:27), in Hem
ingelijfd en in zijn dood en opstanding meegenomen zijn
(Rom.6:4).
Dan doet het er
niet toe door wie je gedoopt bent (1Kor.1:14-16).
En ook: de Blijde Boodschap zelf is veel belangrijker dan het
uiterlijke teken ervan' (1Kor.1:17).
Vraag: Wat is de beste remedie tegen alle verheerlijking
van mensen in de gemeente? (Vgl. Opb.5:11-14)
|
|
|
Inhoud: |
o
Verdeeldheid (1)
o
Verdeeldheid (2)
o
Verdeeldheid (3)
o
Eén in de Heer |
|