|
Lezen: 1 Koningen
18:17-29
17 En
het geschiedde, als Achab Elia zag, dat Achab tot hem zeide:
Zijt gij die beroerder van Israel? 18 Toen zeide
hij: Ik heb Israël niet beroerd, maar gij en uws vaders huis,
daarmede, dat gijlieden de geboden des HEEREN verlaten hebt en
de Baals na- gevolgd zijt. 19 Nu dan, zend heen,
verzamel tot mij het ganse Israël op den berg Karmel, en de
vierhonderd en vijftig profeten van Baal, en de vierhonderd
profeten van het bos, die van de ta- fel van Izebel eten. 20
Zo zond Achab onder alle kinderen Isra- ëls, en verzamelde de
profeten op den berg Karmel. 21 Toen na- derde Elia
tot het ganse volk, en zeide: Hoe lang hinkt gij op twee
gedachten? Zo de HEERE God is, volgt Hem na, en zo het Baäl is,
volgt hem na! Maar het volk antwoordde hem niet een woord.
22 Toen zeide Elia tot het volk: Ik ben alleen een pro-
feet des HEEREN overgebleven, en de profeten van Baal zijn vier-
honderd en vijftig mannen. 23 Dat men ons dan twee
varren ge- ve, en dat zij voor zich den enen var kiezen, en
denzelven in stukken delen, en op het hout leggen, maar geen
vuur daaraan leggen; en ik zal den anderen var bereiden, en op
het hout leg- gen, en geen vuur daaraan leggen. 24
Roept gij daarna den naam van uw god aan, en ik zal den Naam des
HEEREN aanroe- pen; en de God, Die door vuur antwoorden zal, Die
zal God zijn. En het ganse volk antwoordde en zeide: Dat woord
is goed. 25 En Elia zeide tot de profeten van Baal:
Kiest gijlieden voor u den enen var, en bereidt gij hem eerst,
want gij zijt velen; en roept den naam uws gods aan, en legt
geen vuur daaraan. 26 En zij namen den var, dien
hij hun gegeven had, en bereidden hem, en riepen den naam van
Baal aan, van den morgen tot op den mid- dag, zeggende: O Baal,
antwoord ons! Maar er was geen stem en geen antwoorder. En zij
sprongen tegen het altaar, dat men ge- maakt had. 27
En het geschiedde op den middag, dat Elia met hen spotte, en
zeide: Roept met luider stem, want hij is een god; omdat hij in
gepeins is, of omdat hij wat te doen heeft, of omdat hij een
reize heeft; misschien slaapt hij en zal wakker worden. 28
En zij riepen met luider stem, en zij sneden zichzelven messen
en met priemen, naar hun wijze, totdat zij bloed over zich uit-
stortten. 29 Het geschiedde nu, als de middag
voorbij was, dat zij profeteerden totdat men het spijsoffer zou
offeren; maar er was geen stem, en geen antwoorder, en geen
opmerking.
Vaak stellen wij
een keuze 't liefst nog even uit. Elia laat geen uitstel toe. Op
de berg Karmel staat Elia tegenover de Baalpriesters van Achab en
Izebel. Elia stelt het volk voor een beslissende keuze.
Nu moet jij, nu moet u kiezen, kies je voor de Here God of volg je
Baäl? Je moet kiezen, je kunt niet op allebel een beetje
vertrouwen. We zien hier hoe radicaal het Evangelie is. Er zijn
maar twee wegen.
Op welke weg ben jij?
Het volk
antwoordt Elia ook niet. Durven ze niet, weten ze het niet? Mis-
schien zeg je dat je het niet begrijpt: Wat is Baäl, wat is een
afgod? Afgoden zijn al die zaken die ons in beslag nemen en ons zo
beheersen dat er geen echte liefde voor de Here in ons hart zijn
kan.
Dat kan je bezetenheid zijn van allerlei dingen, zoals voetbal,
house muziek, roken, alcohol, drugs, kleding. Bezeten zijn, ja als
de duivel merkt dat er maar iets is wat jou van God kan afhouden,
probeert hij je helemaal in z'n greep te nemen. Je bezeten te
maken; net zo bezeten als de Baalprofeten. Hink niet op twee
gedachten. Kies heden! Het is voor Jezus of tegen Hem.
|